Wanneer een grote multinational in de fout gaat—denk aan privacyschendingen door techgiganten of sjoemelsoftware in auto's—staat u als individuele consument vaak machteloos.

De kosten om een rechtszaak aan te spannen tegen een bedrijf met een leger aan advocaten zijn simpelweg te hoog, en de financiële risico's te groot.

De oplossing hiervoor is het bundelen van krachten. Collectieve claims (ook wel massaclaims genoemd) zijn inmiddels een onmisbaar onderdeel van het juridische landschap. Maar wat veel mensen niet weten, is dat dit niet alleen een middel is voor gedupeerden om hun recht te halen.

Het biedt ook een unieke investeringsmogelijkheid voor beleggers die op zoek zijn naar rendement buiten de traditionele beurzen om.

In dit artikel leggen we uit hoe massaclaims werken en hoe het financieren van deze processen rendementen kan opleveren die onafhankelijk zijn van de economie.

Wat is een collectieve claim precies?

Een collectieve claim is een juridische procedure waarbij één representatieve partij, vaak een speciale stichting, een rechtszaak aanspant namens een grote groep gedupeerden. Deze groep heeft allemaal vergelijkbare schade opgelopen door toedoen van dezelfde partij.

Sinds de invoering van de WAMCA (Wet afwikkeling massaclaims in collectieve actie) in Nederland is het aanzienlijk eenvoudiger geworden om in één klap schadevergoeding te eisen voor een hele groep. Iedereen hoeft daardoor niet meer individueel naar de rechter te stappen. Bekende voorbeelden uit het verleden zijn de woekerpolisaffaire, privacyschendingen door social media-platforms en grote milieuschandalen.

Hoe verloopt een massaclaim?

Het succesvol afronden van een massaclaim is een complex en langdurig traject. Grofweg verloopt dit in vier fases:

1. De misstand komt aan het licht: Zodra een schandaal breed in de media komt, wordt er vaak een onafhankelijke stichting opgericht (zoals SOMI) om de belangen van de getroffenen te behartigen.

2. Gedupeerden bundelen (Bookbuilding): De stichting roept consumenten op om zich kosteloos aan te sluiten. Een grote groep deelnemers zorgt voor een sterkere onderhandelingspositie en een hogere totale claim.

3. Het juridische proces: De advocaten van de stichting dagen het betreffende bedrijf voor de rechter. Grote bedrijven proberen de zaak vaak te vertragen om de stichting financieel uit te putten. In veel gevallen eindigt een sterke claim in een schikking: het bedrijf betaalt een grote som geld om verdere rechtszaken en reputatieschade te voorkomen.

4. Verdeling van de compensatie: Het uiteindelijke schikkingsbedrag of de toegewezen schadevergoeding wordt verdeeld onder de gedupeerden. Hiervan worden eerst de kosten voor de advocaten en de procesfinanciers afgetrokken.

Procesfinanciering: Investeren in gerechtigheid

Hier komt het perspectief van de investeerder om de hoek kijken. Een rechtszaak voeren tegen een miljardenbedrijf kost miljoenen euro's aan juridische en operationele kosten. Een belangenstichting heeft dit kapitaal zelden zelf in huis.

Dit is waar procesfinanciering (litigation funding) essentieel wordt. Investeerders verstrekken het benodigde kapitaal om de zaak te kunnen bekostigen. In ruil daarvoor kopen zij winstrechten, vaak in de vorm van procescertificaten

Hoe werkt het rendement?

Investeren in rechtszaken werkt doorgaans volgens het no cure, no pay-principe. Wint de stichting de zaak of komt er een schikking? Dan krijgen de investeerders hun inleg terug, plus een vooraf afgesproken (vaak aanzienlijk) percentage van de opbrengst. Omdat het risico groot is, liggen de potentiële rendementen hoog, soms wel op een veelvoud van de oorspronkelijke inleg.

Verliest de stichting de zaak? Dan is de inleg normaal gesproken verloren gegaan aan de gemaakte advocaatkosten. Tegenwoordig zijn er echter ook initiatieven die werken met speciale garantiecertificaten, waarbij (een deel van) de hoofdsom is beschermd.

Conclusie

Zonder stabiele investeringen in huurwoningen is een evenwichtig volkshuisvestingbeleid onmogelijk. En zo kan het gebeuren dat huishoudens met lage of instabiele inkomens inmiddels relatief de hoogste huur betalen ten opzichte van de woningwaarde.